Dina Boonstra richt zich in haar werk op menselijke vormen en het samenspel daartussen. In haar detailopnames worden lichaamsdelen en huidplooien geabstraheerd tot sculptuurachtige vormen. Ook Barbara van Zessen richt zich op het menselijk lichaam en onderzoekt de relatie tussen vrouwelijke lichaamsvormen en flora en fauna. Door beide op dezelfde wijze te benaderen ontstaan associatieve combinaties waarin de interpretatie van vrouwelijkheid een belangrijke rol speelt. |