homenoorderlicht
galleryfestivalprojectsshop
newsinfopresseducationphotographers indexsearchlanguage
introduction
traces+omens
tsunami
land of promise
hidden sites
satellites
activities
publications
submissions
info
all editions

BEELDSPRAAK
Zondagmiddaggesprekken in de Noorderlicht Fotogalerie

Tijdens de Fotomanifestatie Traces & Omens organiseerde Noorderlicht twee zondagmiddaggesprekken over fotografie. Hieronder de verslagen van de gesprekken.

Eerste gesprek: hoe houdbaar is het moment?

Deelnemers:

Gespreksleider is Bas Heijne, schrijver en publicist (NRC Handelsblad). Hij schreef een van de essays in de catalogus van Traces & Omens. In het forum zitten:

Douwe Draaisma, bijzonder hoogleraar in de geschiedenis van de psychologie aan de Rijksuniversiteit groningen, en auteur van het boek ' Waarom het leven sneller gaat als je ouder wordt. Ook hij schreef een essay voor Traces & Omens.

Werry Crone, staffotograaf van het dagblad Trouw en werd in 1994 Fotojournalist van het jaar. Crone zoekt naar de achtergrond van het nieuws. Hij maakte onder meer reportages over de Haagse politiek, het Nederlands koningshuis en de omwentelingen in het Oostblok.

Marcel Molle, freelance fotograaf voor de Volkskrant. In 1999 werd hij uitgeroepen tot Fotojournalist van het Jaar en winnaar van de Zilveren Camera. In samengebalde composities probeert Molle een nieuwsfeit tot de kern te reduceren. Hij maakte reportages over onder meer de voetbalrellen in Rotterdam, de vredesmissie in Eritrea en de oorlog in Kosovo.

'Persfotografen zijn de regisseurs van het beslissende moment'

Een kunstenaar met een mitrailleur in de hand, mooier kun je een volksopstand niet verbeelden, zo haalt Douwe Draaisma zondagmiddag tijdens een gesprek over fotografie op Noorderlicht een beroemde foto aan. De foto van de vermaarde cellist Rostropovic die zich persoonlijk leek te mengen in de poging van het Russische parlement om president Jeltsin af te zetten werd afgedrukt in kranten overal ter wereld. Als zelfs de intellectuelen zich verweerden tegen de putsch kon het niet anders of Jeltsin had het gelijk aan zijn zijde.

Alleen: de foto is een leugen. Herhaaldelijk moest Rostropovic in interviews verklaren dat hij een toevallig omgevallen machinegeweer overeind had gezet en dat een slimme fotojournalist zijn kans schoon had gezien. Prompt werd de cellist gebombardeerd tot volksheld, terwijl hij toch echt alleen maar behulpzaam was geweest in het veiligstellen van een rondslingerend wapen.

Wat Douwe Draaisma met de anekdote wil zeggen: zelfs de persfotografie houdt zich niet aan de feiten. Draaisma, Groninger hoogleraar in de geschiedenis van de Psychologie en auteur van de bestseller Waarom het leven sneller gaat als je ouder wordt, is een van de forumleden in het eerste zondagmiddaggesprek op 4 september in het kader van de zaterdag begonnen fotomanifestatie Noorderlicht, met als thema 'de houdbaarheid van het moment'.

Het is een cliché dat breed wordt aangehangen: fotografie draait om het beslissende moment. In die ene fractie van een seconde wordt een beeld gemaakt, dat alleszeggend is en de essentie van een complexe situatie vat. De voorbeelden zijn talrijk, aldus gespreksleider Bas Heijne. Zie Nick Uts foto van het door napalm verbrandde meisje Kim Phuc, voor velen de ultieme verbeelding van de Vietnam-oorlog.

Zo heet wordt de soep in Nederland niet gegeten, weet forumlid Werry Crone, staffotograaf van het dagblad Trouw. Het nieuws is hier meestal niet zo spectaculair dat er sprake is van 'een moment'. Het beslissende moment, stelt hij, is afhankelijk van het toeval. Crone kan het zich niet veroorloven om 'op een stoel te wachten' tot dat moment zich voordoet. Hij creëert zijn eigen moment. 'Je komt tot jouw beeld van jouw moment op jouw plek'.

Persfotografen zijn kortom regisseurs van het moment, terwijl hun foto's de suggestie wekken dat ze een beslissend moment hebben gevangen, concludeert Heijne. Forumlid Marcel Molle, freelance fotograaf voor de Volkskrant reageert: 'Nieuwsbeelden blijven een interpretatie van de persfotograaf. Ze zijn op z'n best een benadering van de werkelijkheid.'

Toch bestaat er wel zoiets als een beslissend moment, vindt Werry Crone. Het is alleen een kwestie van wachten op iets wat in de lucht hangt. Van de Abu Graibh-gevangenis circuleerden al veel foto's bij de media. Maar die ene foto ('thumbs up') veranderde wereldwijd de opinie over de Amerikaanse inmenging in Irak. Crone: 'Ineens is het ene beeld daar, valt alles op z'n plek en barst het los.'

Maar is het geen hype, dat beslissende moment, vraagt Heijne zich af. Nieuwsmedia zijn steeds meer beeldgericht. 'Sommige websites willen alleen foto's van de brand hebben en al niet meer van het huis in as.' Crone spreekt in dit verband van 'de verTalpaïsering'. Die manifesteert zich wat de papieren media betreft vooral in tabloids als het nieuwe AD. 'Ik zie nog steeds goeie dingen in de Volkskrant en de NRC. Maar als die ook op tabloidformaat gaan, houd ik mijn hart vast.'

Douwe Draaisma komt met een - voor de worstelende persfotograaf - troostrijke conclusie. Uiteindelijk is het beslissende moment niet aan de fotograaf, stelt hij, maar aan de toeschouwer. 'Als een moment eenmaal in een foto is stilgezet, gaat hij een eigen leven leiden. Wie naar een foto kijkt, zet hem met zijn eigen fantasie weer in beweging.'


Tweede gesprek: hoe houdbaar is het materiaal?

Deelnemers:

Gespreksleider is fotojournalist Pim Milo en in het forum zitten:

Clara von Waldthausen, destijds de enige student aan de eenmalige vijfjarige opleiding tot fotorestaurateur, in 1995 opgezet door het Instituut Collectie Nederland (ICN). Tegenwoordig werkt Von Waldthausen overal ter wereld als zelfstandig fotorestaurateur.

Henk Tas, één van Nederlands bekendste en internationaal succesvolste kunstfotografen. Tas maakt op de Amerikaanse popcultuur geïnspireerde fotografie die baadt in neon-kleuren en een prominente plek inruimt voor Elvis Presley.

Caspar Martens, als conservator collecties verantwoordelijk voor de totale kunstcollectie van het Groninger Museum, waaronder de uitgebreide fotografiecollectie. Daarvan is vanaf 17 september een dwarsdoorsnede te zien in het Groninger Museum in de expositie Oog in Oog.

Behoud fotocollectie problematisch: 'Als je er naar kijkt, valt er al een stukje af.'

Het is zeker voor musea een dilemma: wat doe je met je waardevolle fotocollectie? Het beste is opslaan onder de juiste condities en er niet meer aankomen. Maar is het niet evenzeer de taak van een museum om de collectie aan het publiek te tonen?
In een inleiding presenteert Pim Milo de oplossing. Van hem mogen foto's na een museale tentoonstelling worden geveild. Geen kopzorgen meer over bewaarcondities en voor een nieuwe tentoonstelling vraag je simpelweg om een nieuwe afdruk, die wordt geleverd tegen een geïndexeerde prijs. "Zo krijg je telkens weer carte blanche", aldus Milo, die er voor de zekerheid bij vermeldt dat hij een en ander prikkelend heeft bedoeld.

Geen gek idee, vindt fotograaf en beeldend kunstenaar Henk Tas. Fotografie herhaalt zichzelf, ervaart hij, dus is het de vraag of je maar alles moet bewaren. "Ga naar een willekeurige expositie en wat zie je: arme kindertjes en naakte meisjes," zegt Tas. "Fotografie is cyclisch. Er verandert eigenlijk niets."
Maar foto's worden juist steeds meer bewaard. Zoals door het Groninger Museum, dat sinds de jaren '80 een collectie opbouwde van 850 stuks. Nu komen de problemen, zegt beheerder Caspar Martens. De foto's verkleuren en tonen andere sporen van verval. Veel werken zijn gegoten in plexiglas, wat ze onbereikbaar maakt voor herstel. Andere hebben weer geen lijst, wat ze uiterst kwetsbaar maakt. Martens: "Als je er naar kijkt, springt er al een stukje af."

Het beheren en restaureren van foto's is een relatief nieuw vak. Waar de artistieke én financiële waarde van bijvoorbeeld schilderijen al eeuwenlang wordt erkend, was een foto vóór 1970 niets waard, zegt Clara von Waldthausen. Ze is sinds 1995 Nederlands enige freelance fotorestaurateur. "Nu de prijzen zijn gestegen," verklaart ze, "wordt het restaureren van foto's ineens interessant."

Maar het is 'een ingewikkeld vak, met veel chemie', aldus Von Waldthausen. Het staat nog in de kinderschoenen, wat betekent dat er voor de meeste problemen, zoals het herstellen van werken in plexiglas, nog geen oplossing is gevonden. Denk dan ook goed na wat je met je foto's wilt, adviseert ze. "Vraag jezelf af: hoe vaak wil ik het tentoonstellen? Hoeveel mag het verkleuren? Een foto kan nu eenmaal niet eeuwig dezelfde kleur houden."

En wat te denken van de oplossing van Pim Milo, die voorstelt simpelweg een nieuwe afdruk aan te schaffen? Misschien dat er met kunstenaars nog wat is te regelen, zegt Caspar Martens van het Groninger Museum, maar galeries verstrekken nooit een nieuwe afdruk tegen kostprijs. Henk Tas zou er ook niet aan meewerken. Hij zou gaan sleutelen, de afdruk aanpassen aan de nieuwe tijd. "En dan kan je beter een nieuw werk maken," vindt hij. Het besef over de vergankelijkheid van materialen is bij fotografen en kunstenaars niet groot, zegt Von Waldthausen. Studenten van de kunstacademie worden zelfs gestimuleerd er niet bij stil te staan. "Het remt hun creativiteit. Ze kunnen besluiten om niet met een bepaald materiaal te werken omdat ze weten dat het snel veroudert."

De verantwoordelijkheid ligt dan ook bij ons allemaal, concludeert Milo. "Moreel gesproken zijn we niet de bezitters van kunst, maar de beheerders. Kunst behoort tot ons culturele erfgoed en we dienen het als goede huisvaders te beheren." Het Groninger Museum neemt die taak serieus. Conservator Martens verwacht binnen drie jaar een groot onderzoeks- en restauratieproject te hebben gestart dat de fotocollectie moet behouden.

Beide verslagen: Marc Floor

50 Tips van Pim Milo voor fotografen en fotoverzamelaars